7 april 2026

Private Credit: van niche naar sluipend gevaar?

Wat jarenlang het domein was van gespecialiseerde financiële spelers, is uitgegroeid tot een markt van meer dan €1.700 miljard. Private credit – kredietverlening buiten het klassieke bankcircuit – ontwikkelde zich in sneltempo tot een volwaardige financieringsbron voor ondernemingen en, in sommige gevallen, ook voor consumenten met een hoger risicoprofiel.

De zucht naar hogere rendementen

Die groei kwam niet uit het niets. Na de financiële crisis van 2008 kregen banken strengere kapitaal‑ en risicoregels opgelegd, waardoor ze voor bepaalde dossiers terughoudender werden. Tegelijk gingen institutionele beleggers – vermogensbeheerders, pensioenfondsen en verzekeraars – op zoek naar hogere rendementen in een omgeving van lage rente.

Private creditfondsen vulden dat vacuüm op met rendementen die vaak boven 10% lagen. Men verwacht dat de markt richting 2030 tot ongeveer €4.000 miljard evolueert. Het leek een klassieke win-winsituatie: bedrijven kregen makkelijker financiering, beleggers hogere rendementen en het financiële systeem werd minder afhankelijk van banken.

Een systeem dat begint te kraken?

Maar na jaren van groei, lage rente en overvloedige liquiditeit verschijnen de eerste scheurtjes. De rente is fors gestegen, herfinanciering wordt duurder en steeds meer bedrijven hebben moeite hun leningen af te lossen. De kredietkwaliteit verzwakt en er circuleren zelfs signalen van dubbel verpand onderpand.

Op Wall Street waart het spook al langer rond. Faillissementen zoals auto-onderdelenfabrikant First Brands ($5,5 miljard private credit, fraude met facturen) en kredietverstrekker Tricolor (dubbele onderpanden) in 2025 wakkerden de nervositeit aan.

De liquiditeitsillusie

Private credit oogt stabiel zolang het vertrouwen blijft, maar de leningen zijn illiquide. Wanneer beleggers massaal uitstappen of herfinanciering stokt, kan de markt snel vastlopen.

Grote vermogensbeheerders als Blue Owl Capital, BlackRock, Apollo Global Management, Ares Management en KKR incasseerden verliezen of moesten recent de uitstroom afremmen via opnamebeperkingen.

Van sterspeler naar zorgenkind

De combinatie van waardeverminderingen, oplopende terugbetalingsdruk en beperkt zicht op wie welk risico draagt, voedt een ongemakkelijk déjà vu. JPMorgan‑CEO Jamie Dimon waarschuwde dat sommige spelers “domme dingen” doen in hun zoektocht naar rendement. Zijn metafoor blijft hangen: “Zie je één kakkerlak, dan zijn er meestal meer”.

Analisten zijn verdeeld. Morgan Stanley schat dat 8% van de private credit in gebreke kan blijven. UBS rekent in het zwartste scenario op 15%. Fitch noteerde in 2025 een recordwanbetalingsgraad van 9,2% bij Amerikaanse privatecreditbedrijven. (Bron: Bloomberg/Reuters).

Ondertussen duiken deze risicovollere leningen ook op bij bank- en verzekeringsinstellingen en direct of indirect in hun producten die door veel spaarders als veilig worden gezien. Dat roept opnieuw vragen op over risicobeheer, transparantie en toezicht.

Een fenomeen dat overwaait naar Europa, ook naar ons land

Ook in Europa zijn de eerste barsten zichtbaar. In februari 2026 ging de Britse hypotheekverstrekker Market Financial Solutions (MFS) failliet, een speler die sterk leunde op alternatieve financiering. Daarnaast bleek uit berichtgeving dat Deutsche Bank ongeveer €26 miljard blootstelling heeft aan private credit. En in België kwam verzekeraar Athora in het nieuws omdat een aanzienlijk deel van de activa van de groep in illiquide private creditinstrumenten zit – zeker in vergelijking met andere spelers.

Hoe groot is de blootstelling?

De Europese private creditmarkt bedraagt €450-530 miljard (2025) en evolueert naar €940 miljard (2030). Waarbij niet alleen banken en verzekeraars zijn blootgesteld, maar ook holdings – soms rechtstreeks, soms via private equitystructuren of fondsen. Dat roept vragen op over de omvang van die blootstelling en de mate van transparantie.

De Europese toezichthouders (ESMA, EIOPA en EBA) waarschuwen in hun Joint Committee Update on Risks and Vulnerabilities – Spring 2026 dat private finance, en in het bijzonder private credit, een onvoldoende transparante schakel is geworden in het financiële systeem. Volgens hun rapport hebben Europese verzekeraars gemiddeld ongeveer 5,8% van hun activa belegd in private credit. Voor pensioenfondsen ligt dat aandeel rond 4,4% van de totale activa. De sector is bovendien sterk verweven met banken via kredietlijnen, derivaten en securitisaties. De combinatie van illiquiditeit, lage transparantie, complexe structuren en toenemende verwevenheid kan zo verborgen kwetsbaarheden creëren.

Omdat de markt nog nooit door een volledige economische cyclus heeft doorlopen, is de uiteindelijke impact van hogere rente en stijgende wanbetalingen moeilijk voorspelbaar. De markt is simpelweg nooit echt “gestresst” geweest.

Het Internationaal Monetair Fonds vermeldt in zijn meest recente Global Financial Stability Report dat Amerikaanse en Europese banken samen ongeveer 4,5 biljoen dollar aan blootstellingen hebben tegenover hedgefondsen, private creditverstrekkers en andere niet‑bancaire financiële instellingen. Dat komt overeen met ongeveer 9% van de kredietportefeuilles. In sommige gevallen is de blootstelling zelfs groter dan het Tier1‑kapitaal, de belangrijkste verliesbuffer van een bank.

Hoe groot de (indirecte) blootstelling is van Belgische holdings zoals Sofina en Brederode, weet niemand precies. Zij investeren vooral via private equityfondsen, die op hun beurt vaak gebruikmaken van private credit als financieringsbron. De risico’s zijn daardoor reëel maar moeilijk kwantificeerbaar, precies omdat de onderliggende structuren en leningen zich grotendeels in de minder transparante private marktzone bevinden.

Moeten we nu ongerust zijn?

Volgens ESMA is er geen acute crisis, maar wel een stijgend systeemrisico als de rente hoog blijft of de economie vertraagt. De Nationale Bank van België volgt het dossier van nabij.

Assuralia benadrukt dat Belgische verzekeraars slechts beperkt beleggen in de risicovollere vormen van private credit en dat Solvency II stevige kapitaalbuffers oplegt. De gemiddelde solvabiliteitsratio van de sector bedraagt trouwens 192%, al zijn er wel verschillen tussen spelers. Wie wil, kan dat zelf nagaan in de jaarlijkse Solvency and Financial Condition ‑rapporten van deze verzekeraars.

Conclusie: Blijf alert en geïnformeerd

Dit hoeft geen heruitgave te worden van de schuldencrisis van 2008. De private creditmarkt is kleiner, de risico’s zijn minder verspreid en de hefboomwerking is lager. Maar het gebrek aan zicht op wie welk risico draagt, roept wél onaangename herinneringen op.

De beste remedie tegen het private creditspook blijft natuurlijk transparantie. Hoe duidelijker de markt en toezichthouders zicht krijgen op de onderliggende leningen, waarderingen en risico’s, hoe kleiner de kans dat problemen zich onzichtbaar opstapelen.

En jij als beleggingsadviseur? Jij kan uw klanten beschermen door private credit en Solvency II te begrijpen en uit te leggen. Advisors-up-to-date helpt daarbij, met heldere uitleg van complexe thema’s. Wil je je verder verdiepen in deze thema’s of je kennis opfrissen? Dan ben je bij Advisorsuptodate aan het juiste adres.

Bronnen & Bijlagen

  • Bron: Up-to-date